5 redenen waarom kortingsacties niet werken; en hoe dat te fixen

Kortingsacties

Veel theaters gebruiken kortingsacties om meer kaarten te verkopen. Vaak te pas en te onpas.

Want wees eens eerlijk …waar denkt de theatermarketeer aan als een voorstelling niet loopt? Aan korting, toch? De vergadering was nog niet afgelopen, of het stond al online.

Maar waarom zou je korting geven als de uitkomst negatief is? Iedereen weet dat het ondoordachte prijzencircus niet werkt.

Weet je wanneer een actie wel heeft gewerkt? Ik houd successen en duds bij in een excel-sheetje. En om mijn gelijk onderuit te halen, zet ik af en toe een kip-zonder-kop-kortingsactie in, zodat ik later kan aantonen dat dit soort snelle campagnes niet werken. Om de kosten laag te houden, raad ik je aan zo’n experiment online uit te voeren (en weet dat de online respons veel lager is dan die van conventionele direct mail).

Persoonlijk houd ik wel van kortingsacties. Waarom? Omdat ze heel goed meetbaar zijn en je het publiek naar concerten of voorstellingen kunt sturen, waar ze anders nooit heen zouden gaan.

Ben je niet zeker van je actie, lees dan deze vijf waarschuwingen, repareer de fouten in je campagne, test en verkoop meer kaarten.

1. Je gebruikt kortingsacties als laatste redmiddel

Veel theater marketeers zetten kortingsacties in als laatste redmiddel. Ze staren naar de kaartverkoopcijfers van de volgende week en schrikken zich een hoedje.

Last-minute kortingsacties werken bijna nooit. Verkocht je wel extra kaarten? Dan heb je geluk gehad.

Remedie#1: Plan je acties zorgvuldig en spreek met je collega’s over doelgroepen en uitgangspunten. Denk goed na over de gevolgen van een kortingsactie. Stuur je emailing eerst naar een testgroep en kijk of de respons aanvaardbaar is. Wees doordacht en verkondig een duidelijke boodschap. Je wilt geloofwaardig overkomen.

2. Je communiceert de inhoud en niet de korting

Het is lastig korting te geven op basis van de inhoud van een voorstelling. Begrijp je wat ik bedoel? Je vertelt je klanten over een voorstelling en daarna zeg je dat hij er met korting heen mag. Dit gebeurt echt alleen in de culturele sector. En het werkt niet.

Remedie#2: Koppel daarom de inhoud los van de actie. Het gaat erom mensen te verleiden met korting. Je verkoopargument is niet het beste stuk ooit geschreven maar besparing. Zoek dus naar een aanleiding om korting te kunnen geven. Blue Monday Sale, Valentijnskorting, Winter Sale en noem maar op. De voorstellingen die je bij je actie zet, zijn dan van ondergeschikt belang.

3. Je geeft klanten niets om uit te kiezen

Wanneer je schoenen koopt in de uitverkoop, kun je kiezen uit tientallen, soms honderden paren verschillende schoenen. Schoenwinkels pakken het slim aan. Ze communiceren torenhoge kortingen – je bent vastberaden met schoenen thuis te komen – en gaven je de keuze uit allemaal mooie schoentjes.

Remedie#3: Bij theatervoorstellingen werkt dat net zo; geef mensen iets om uit te kiezen. Dan profiteert iedereen mee, ook de mensen die al kaartjes kochten. Keuze is kopen, maar beperk ‘t tot een stuk of vijf voorstellingen uit verschillende genres.

4. Je stelt geen limiet

Acties lopen vaak wekenlang door. En nog erger, voordat de stunt afloopt wordt er geen reminder verstuurd. Het gevolg? Mensen vergeten je. De schoenwinkel uit het voorbeeld oefent extra druk uit door kortingen steeds hoger te maken. Laatste week! Tot 75% korting! Het woord schoen is nergens te bekennen.

Remedie#4: De beste kortingsacties zetten je clientèle aan tot directe actie. Niet straks, niet morgen, maar NU! Stel daarom een limiet aan de duur van de actie, bijvoorbeeld: ‘deze actie geldt alleen op maandag 2 april van 10.00 uur tot 18.00 uur. Bestel direct uw kaarten.’

5. Je vergeet het principe van schaarste

Bij de uitverkoop van de schoenwinkel worden vaak slechts één paar schoenen per model/ maat aangeboden. Ik weet niet of dat bewust wordt gedaan, maar ik voel me onder druk gezet snel een beslissing te nemen.

Remedie#5: Pas het principe van schaarste toe en de kans is groot dan mensen sneller op de ‘koopknop’ drukken. Stel bijvoorbeeld slechts 25 kaarten tegen het kortingstarief beschikbaar en verkoop sneller uit. Lieg nooit over aantallen. Ben je door je kaarten heen, dan geef je een sterk signaal af van een geslaagde actie.

Conclusie

Wees gul met kortingen, verleid je klanten door limieten te stellen (tijd en aantal) en verpak je boodschap in een concept en koppel de inhoud los van de actie. Levert een actie veel waarde voor de klant, dan levert dat op termijn veel waarde voor het theater.

Vond je dit een leuk artikel, heb je commentaar of wil je jouw ervaringen met kortingsacties delen? Laat een reactie achter!

© Gilles de Sitter


Schrijven oefenen? Gebruik Schwartz methode!

Schrijven

Stel ik vraag jou een stukje te schrijven. Het onderwerp bepaal jezelf. Zo ook de vorm. Ik wed dat je de opdracht aanneemt en het verdienstelijk doet. Je zult je er goed over voelen, zelfs een beetje trots. Uit enthousiasme neem je jezelf voor morgen weer een artikel te tikken. Want je ontdekte de lol ervan. Het idee, het denkwerk en de daad. De woorden vloeiden zo je pen uit, geïnspireerd als je was.

Writer’s block bestaat niet

De volgende dag zit je fris achter je bureau. Je hebt goede voornemens; je bent van plan een blog te beginnen met allerlei artikelen over dingen die jouw interesse hebben.

Had je nou maar geen last van writer’s block. Dan ging alles vanzelf. Lekker zitten en tikken maar.

De werkelijkheid is anders. Want schrijven is niet altijd leuk. Waarom denk je dat er zo weinig mensen zijn die het echt goed kunnen?

Vergeet writer’s block, en stel jezelf een doel. Zoiets van: ‘ik schrijf iedere dag een uur’ en doe het.

Oefeningen in schrijven

Op internet zijn bergen tips te vinden die je helpen je tijd effectief in te delen om beter te schrijven.

Een heel goede tip ontdekte ik op copyblogger.

Wil je meer houvast bij het trotseren van je weerzin, uitstelgedrag of andere immoraliteiten? Lees door!

Copywriter Eugene Schwartz werkte maar drie uur per dag

De Amerikaanse copywriter Eugene Schwartz schreef vele boeken, honderden artikelen, duizenden advertenties en stond bekend als een notoire copywriter van junkmail.

Zijn geheim?

Een timer, een kop koffie, een bakje pennen en een paar eenvoudige spelregels.

Het onderliggende geheim? Verveling.

Schwartz methode

De werkmethode van Eugene Schwartz is wat dwangmatig. Maar van zomaar wat in het wilde weg schrijven kun je ook goed gek worden. Dus maak het jezelf overzichtelijk, en doe als Eugene.

Eugene Schwartz schreef nooit langer dan 33 minuten en 33 seconden achtereen. Binnen die tijd moest het gebeuren, zo had hij besloten. Hij had er een ritueel van gemaakt.

Hij mocht van zichzelf koffiedrinken, voor zich uit staren of niets doen. Maar weglopen van zijn bureau, dat niet.

Dus zat hij daar en deed niets, nam een slok koffie en keek voor zich uit.

Totdat de verveling toesloeg …

… het moment waarop Schwartz met schrijven aanving. Iets langer dan een half uur zette hij zijn tanden op elkaar en schreef. Dan ging de timer af en deed hij tien minuten iets totaal anders.

33 minuten en 33 seconden. Een drie-eenheid?

De Vader, de Zoon en de Heilige Geest? Of bloed, zweet en tranen?

Deze methode werkt als een trein.

Kies af en toe de weg die wat minder gebruikt wordt. Makkelijke wegen leiden nergens naar. Alleen willen werken mits geïnspireerd is dom. Door je gedisciplineerd op te stellen, ontdek je je eigen talenten. Je moet dus oefenen, ook al heb je geen zin.

Nog enkele schrijftips

Wil je beter leren schrijven? Dan heb ik een minilijstje gemaakt van Nederlandse boeken, websites en artikelen die je zou kunnen raadplegen.

→ Blog: Blogstylers met altijd goede artikelen over bloggen en tips voor ZZP-ers
→ Boek: De wil en de weg met praktische schrijftips, door Jan Brokken
→ Workshop: Protaal voor teksten waarmee je klanten aantrekt

© Gilles de Sitter

Over pizza’s | Kort verhaal

caroline ellerbeck

Ik woonde in Amsterdam samen met één huisgenoot. Later, toen ik het ongeborgen karakter van Amsterdam had verruild voor de knusse inborst van Leiden, had ik er wel zeven. Vier meisjes en drie jongens. Dat is voor een corpshuis behoorlijk knorrig, maar het was er gezellig, en er werd bovendien gekookt. Iets wat wij in Amsterdam zelden deden. Hollandse pot, couscous, rijst met bruine bonen en gehakt, confit de canard en ooit zelfbereide Pekingeend. Op de verloren zondagen, wanneer de meesten pas laat op de avond zouden terugkeren van een weekendbezoek aan hun ouders, aten wij, de thuisblijvers, patat. De typisch Leidse snackbarketen Hendo was dan ons speelterrein.

Patat was in Amsterdam dagelijkse kost. Dat leverde bloedarmoede op en nog meer depressies. Eén keer bestelde mijn huisgenoot pizza. Een Quattro Formaggi die binnen twintig minuten bezorgd zou worden. Vanaf het balkon keken we uit naar het brommertje, die niet kwam. Er stopte wel een gifgroene Datsun 100a voor de hoofdingang van de flat. Een slordig geklede man wurmde zich uit het autootje. Hij had een pizzadoos in z’n hand. ‘Welke pizzabakker heb jij gebeld’ vroeg ik op droge toon. ‘De eerste de beste’ antwoordde mijn huisgenoot, en holde het portiek op om de doos in ontvangst te nemen.

De pizza was niet te vreten. Nadere inspectie wees uit dat we met een van het merk Euroshopper van doen hadden. Ze hadden ‘m wel zelf met kaas belegd. Moet ik het scenario schetsen hoe die pizza van de winkel, via de oven van een of andere thuisbakker aan ons adres is terechtgekomen?

© Gilles de Sitter

illustratie: © Caroline Ellerbeck

Korte metten met letters

Lettertypen

Zorg dat je gelezen wordt

Hoe kies je een letter die bij je past? Of liever, bij de lezer die je voor ogen hebt? Want je boodschap verliest aan kracht, wanneer het lettertype kant noch wal raakt.

Verzuim aandacht te besteden aan letters en opmaak, en je loopt het risico dat:

  1. De tekst onaantrekkelijk gevonden wordt
  2. Überhaupt niemand leest
  3. Je lezer struikelt

Font, lettertype of lettergroep?

Variant, familie of verzameling? Duitsers, Belgen of Nederlanders? Nichten, neven of tantes?

Een lettergroep is een verzameling lettertypes die gelijkenissen vertonen.

Een lettertype is de familie Helvetica. Of de familie Times New Roman.

Fonts zijn alle verschijningsvormen binnen de familie. Dik, dun en scheef. Dik of dun en scheef. Of heel gewoon.

Regular, Italic, Bold en Bold Italic.

En dan gaat het los

Van Old Face Venetians tot Frakturen en alles daartussen. Classificaties genoemd. In het boek Letterfontijn worden die in woorden toegelicht. Je ziet het niet, maar leest het wel.

Welke familie leest als een trein?

De zin die je nu leest. Dat ligt een beetje aan de zin – want kort -  en aan de letter (geen idee welke het is). Was deze zin geschreven in Berthold Script dan haalde een slak je in.

Ga ook naar:

© Gilles de Sitter

illustratie: © Caroline Ellerbeck

*************************************************************

JAZZ INTERNATIONAL ROTTERDAM, CONCERT- EN CONGRESGEBOUW DE DOELEN, HET NEDERLANDS THEATER FESTIVAL HUURDEN MIJ IN ALS TEKSTSCHRIJVER OF MARKETEER. BEKIJK WAT IK VOOR JOUW ORGANISATIE KAN BETEKENEN:
http://theatermarketing.wordpress.com/about/

*************************************************************

De interne klok en Nieuwjaar

illustratie Caroline Ellerbeck

Elke dag breng ik mijn kinderen naar school. Het ochtendritueel dat daaraan vooraf gaat is er niet een om over naar huis te schrijven. Dat gaat ongeveer zo; ‘Jezus, het is al acht uur.’ Ik klim uit bed, ruk de dekens van de kinderen en ren naar beneden om thee te zetten. Staat het water op, dan loop ik naar boven om te helpen zoeken naar een paar sokken met een match.

‘Aankleden!’ en ‘Geef acht!’, en zo krijgt elk kind een hoopje verse kleren voor de voeten geworpen. Klaaggezang of protestliederen hoor ik als een scheepshoorn in de mist. De kleuter kan het tempo niet bijbenen en barst in huilen uit. Haar oudere broer – maak om de vier jaar een kind, stop bij nummer drie en geniet lang van de geneugten die het hebben van kinderen je brengen (en samenspelen doen ze echt wel) -  is in het grote bed gekropen. Daar ligt ook de baby als Maggie Simpson de anarchie in zich op te nemen. Naast haar verschanst mijn vrouw zich als een eekhoorntje in winterslaap. Zij mag later het bed uitkomen, want is veel sneller dan de rest. Haar woorden. Het lijkt wel het huishouden van Jan Steen.

Zo gaat het sinds de wintertijd is ingegaan. En ik weet dat ons gezinnetje niet het enige is met ritueeltjes. Het leefritme van veel mensen uit mijn omgeving ontdekte ik op de fiets, op weg naar de school van mijn kinderen. Iedere ochtend dezelfde mensen, dezelfde ordelijkheid, dezelfde chaos. Een verslag van minuut tot minuut:

8.17 uur. We stappen op en komen de buurman tegen die zijn motorfiets van stal haalt. Gaat naar zijn werk, denk ik. Shaggie in de mondhoek. Môge.

8.19 uur. Het Indische vrouwtje brengt haar kinderen naar school. Lekker in de buurt. Onze kinderen moesten zo nodig naar een Jenaplanschool. Daar moet je een fietstocht van vier kilometer voor over hebben. Twijfel.

8.22 uur. Er staat een mevrouw in de 50-meter-file. Voor deze rotonde is het altijd raak. Ben er nog niet zeker van, maar volgens mij heeft ze haar pyjama aan. Gisteren in ieder geval wel, maar nu draagt ze er een jas overheen. Achterin zit een kind. Ze rijdt in de auto die ik ook wil hebben; een Mercedes Benz 230 TE. Op sommige dagen zit er een man met zesdagenbaard naast haar.

8.23 uur. Onder het treinviaduct komen we twee meisjes tegen. Wij fietsen twee dik – want de jongste moet geduwd – zij ook. Slingerend en tegen het verkeer in. We kruisen elkaar en ik wijs naar het fietspad aan de overkant. ‘Zeikerd’, moeten ze denken. En ze hebben gelijk. Morgen weer. Ik kan het hebben. Moeders die op hun bakfiets in tegengestelde richting komen aanwaaien zijn anders. Die kan ik niet hebben. Met een karavaan klojo’s in ‘t kielzog fietsen ze je met bibberend stuur tegemoet. Tegen het uiterste randje links, weten ze hun vehikel nog net in balans te houden. Ik maak me opzettelijk extra breed en grom bij de passage. Ze grommen nooit terug. Vraag me niet waarom. Ik zou terug grommen, want fiets vaak tegen het verkeer in, als het zo uitkomt.

8.26 uur. We komen langs het huis op de hoek. Daar woont een stel met personeel. Het is een groot huis, met grote tuin (voor stadse begrippen dan, hè. Voor niet-stadse begrippen is het een postzegel). Het stel besloot dat personeel hun goed zou staat. Het is lachwekkend. De voortuin staat volgepakt met auto’s; twee keer Mercedes-Benz en eenmaal Saab. Dat noem ik nog eens een oprit. Het is geen gezicht. Ze worden iedere week gewassen, die auto’s. Zomers iedere dag.

8.27 uur. Zelfde straat, iets verderop. De meneer met golvend zwart haar staat de ruiten van zijn stationair draaiende auto droog te vegen (weer Mercedes Benz.). Zijn kinderen wachten geduldig op de achterbank. Wat een routine.

8.28 uur. Bij het stoplicht hopen de schoolfietsers zich op. Onderweg inhalen heeft geen zin, mocht je eerder op school willen zijn dan de rest. Wie wil dat nou? Je komt ze vroeg of laat tegen bij het stoplicht.

8.30 uur. Het park is in zicht. Er moet een keuze gemaakt worden. Fietsen we door het park, of nemen we het fietspad? We fietsen mee met de overbuurvrouw. Die kwamen we tegen bij het stoplicht (en zij vertrok zeker drie minuten eerder). Dat kon vorig jaar nog niet, het meefietsen. Het kind gaat pas net naar school. ‘Ga jij hierin?’ ‘Nee, ik ga rechtdoor.’ Gezellig.

8.34 uur. School in zicht!

Mensen leven met de klok. Een interne klok. En die doet het prima. Maar in 2012 zet ik ‘m een uurtje vooruit. En jij?

Gelukkig Nieuwjaar en een fijne kerst!

© Gilles de Sitter

Prijs heeft niet altijd met vraag en aanbod te maken

Hoe komen ticketprijzen van voorstellingen tot stand? Het is een lastige vraag, en eerlijk gezegd ben ik nog niemand tegengekomen die het mij kan uitleggen.

Vergelijken

Entreeprijzen bepalen vanuit het niets is lastig. Het lijkt erop dat programmeurs afgaan op referentie. Stel dat mij wordt gevraagd een prijsadvies uit te brengen, dan duik ik ook het internet op om prijzen met elkaar te vergelijken. Ze zijn coherent.

Dan de consument. Theaterbezoekers zijn gewend om € 44,- te betalen voor een opera. Of  € 22,- voor een theaterstuk. Verhoog je de pijs met vijftig procent, dan kun je afkeurende blikken verwachten bij de kassa.

Gansjes

Uit de onderzoeken van de Amerikaan Dan Ariely is gebleken dat consumenten net gansjes zijn. Ze hechten zich aan wat ze als eerste zien. Consumenten hechten zich aan een prijs, wanneer ze overwegen tot een koop over te gaan. De prijs wordt het anker, in de gedragseconomie ook wel ‘anchor’ genoemd.

Het lijkt er dus op dat het niet de bereidheid van de consument tot betalen is die de marktprijs beïnvloed, maar dat het juist de marktprijs is die invloed heeft op de bereidheid van de consument om te betalen. – Dan Ariely

Reset

Maar dat anker kan bij mensen opnieuw gezet worden. Een mooi voorbeeld is stijgende benzineprijzen. Vergelijk ‘t met de BTW-verhogingen binnen de culturele sector. Stel de overheid besluit de belasting te verhogen. Dan zou volgens de conventionele economie de vraag af moeten nemen. En ja, dat is waar. Op korte termijn. Mensen refereren nu eenmaal aan hun anker. Maar mensen wennen aan de prijsverhoging. Op lange termijn zou de afname dus makkelijk op het oude niveau terug kunnen komen.

Laat prijsveranderingen vergezeld gaan van andere veranderingen. Dan worden ze snel geaccepteerd, aldus Ariely. Entreekaartjes duurder? Doe wat aan je horeca-aanbod, introduceer een champagnebar, verbouw de boel of deel gratis programmaboekjes uit.

Meer onderzoek

Wil je meer weten over Dan Ariely en zijn boeken? Breng dan een bezoekje aan het blog van Dan Ariely, fiets naar de bibliotheek, of klik op onderstaande links en bestel zijn boeken online.

© Gilles de Sitter 

‘Laat paniek de strategie niet overstijgen’

Jeroen Oosterbaan Martinius en zijn onderzoeksteam

Jeroen Oosterbaan Martinius over marketing en onderzoek in de cultuursector

Veel theatermarketeers staren zich blind op het slijten van hun voorstellingen aan het publiek. Volgens onderzoeker en marketingdeskundige Jeroen Oosterbaan Martinius (29) verkoop je daar nauwelijks extra kaarten mee. ‘Laat die theatergezelschappen onderling maar concurreren. Theaters moeten zich concentreren op service en loyale klanten’.

Vijf jaar geleden richtte Jeroen Oosterbaan Martinius zijn onderzoeksbureau Oculon op. Met slechts een jaar werkervaring opzak en een titel in de Algemene Cultuurwetenschappen begon hij aan een nieuwe stap in zijn carrière als cultuurmarketeer en –onderzoeker . ‘Ik had het gevoel dat er zoveel data beschikbaar was waar niets mee gedaan werd, dat werkte frustrerend’ vertelt Jeroen in zijn nieuwe Amsterdamse kantoor, dat net de dag voor mijn komst geopend werd. ‘Het was een gezellig feestje gisteren. Zeg maar wat je wilt drinken.’

Marketing is meer dan een voorstelling pluggen in een tijdschrift of dagblad. Jeroen kent, net als veel marketeers binnen de culturele sector, het gevoel geen grip meer te hebben op de oneindige stroom werk. ‘Daarom is een strategie zo belangrijk. Je stelt doelen, je maakt keuzes en je herkent op den duur patronen. Dan wordt het vak pas echt leuk en interessant.’ We bespreken enkele facetten van sterke cultuurmarketing.

1) Versterk de samenwerking tussen programmeur en marketeer

‘De marketeer vormt samen met de programmeur het Gouden Duo. Het is belangrijk dat zij elkaar uitdagen en inzichten verschaffen. Laat ze maar sparren en kijken wie er gelijk krijgt.’

2) Leer voorspellingen maken

‘Cijfers, feiten en patronen. Als de programmeur een bepaalde voorstelling op dinsdag wilt programmeren, dan zou de marketeer hem daarin moeten kunnen adviseren dat wel of niet te doen. Dat kan alleen als je betrouwbare data hebt verzameld. Een excelsheet helpt. Daarin neem je het type voorstelling op, speciale marketingacties, het type bezoeker (bijvoorbeeld studenten) en een opmerkingenveld waarin je specifieke gebeurtenissen noteert. Hoe meer data je hebt, hoe beter je kunt zien hoe kansrijk een voorstelling is. En dan laat je je paniek- of onderbuikgevoelens wel voor wat ze zijn.’

3) Maak het je publiek makkelijk

‘Keuzestress is een killer. Dus geef het publiek niet te veel om uit te kiezen. Zeker nieuw publiek vindt een foldertje met drie voorstellingen prima. Dat heb ik eens onderzocht voor de Stadsschouwburg en de Toneelschuur in Haarlem. De marketingafdeling van die theaters hadden het idee opgevat om bekende theaterproducties te koppelen aan wat onbekender werk. Onder de titel ‘Dubbelspel’ werden er in totaal drie combinaties aangeboden. En je raadt het al; dat werkte als een trein. Door het grote succes besloten de theaters de actie uit te breiden. Geen drie combinaties, maar zeven. Weg effect, en minder kaartverkoop. Onderzoek druist nu eenmaal vaak tegen het gezonde verstand in. En uit mijn onderzoek bleek dat veel aanbod tot keuzestress leidt, hoe graag je dat ook zou willen weerleggen.’

4) Leg je publiek in de watten

‘Een relatief klein percentage van je bezoekers brengt relatief veel geld in het laatje. Denk aan de 80/20 regel. De hele discussie over wel of geen seizoensbrochure eindigt voor mij hier. Deze loyale bezoekers verdienen een brochure. En ze willen een brochure en dus krijgen ze er een. Loyaal gedrag beloon je met service. Maar zoals ik al eerder schreef in mijn blog over dit onderwerp; leg iedere bezoeker in de watten. Bied ze een gratis drankje aan na de voorstelling.’

5) Zie het theater als een supermarkt

‘Theaters hebben de neiging om voor iedere voorstelling een niche te zoeken. Volgens mij is dat een misvatting. Net als in een supermarkt, waar de potten pindakaas in het schap elkaar beconcurreren, zouden gezelschappen de concurrentiepositie moeten innemen in het schap van het theater. Het theater heeft een totaalaanbod, staat achter de hele programmering en zet dat als geheel op de kaart. Laat de gezelschappen dan maar om aandacht vechten.’

We leven in een opwindende tijd. Er is veel data beschikbaar, vaak al binnen enkele seconden na de lancering van een nieuwe campagne. Goede analyses in combinatie met de ijzeren marketingwetten kunnen je veel inzichten geven in het gedrag van bezoekers.

Meer leuke artikelen over marketing en onderzoek vind je op de blog van Jeroen.

© Gilles de Sitter

Snuffelstage I Kort verhaal

Mijn God, dacht ik, gelukkig zit ik veilig op de fiets en kan ik altijd mijn benen nog optrekken terwijl ik voort blijf gaan, als hij wilt bijten. Uit respect voor mijzelf reed ik met een boog om de hond heen. Het was een grote witte met zwarte vlekken en hangwangen (even opzoeken met welk ras we vandoen hebben). Achter mij, ook op de fiets, mijn zoontje van zeven. Die had de hond nog niet in de smiezen. Hij kijkt uit gewoonte achterom wanneer hij op de fiets zit. Alles is interessanter dan de weg voor hem. Dit keer los ik geen waarschuwingsschot, zeg dus niets en laat hem zijn ontmoeting met de bullebak zelf afhandelen. Ik houd mijn adem in en fiets stoïcijns door. ‘Wat een goor beest!’ hoor ik hem zeggen. Dikke grijns op mijn gezicht. We fietsen samen verder. ‘Pap, ik denk niet dat die mevrouw die hond wilt hebben.’ Verbaasd kijk ik mijn zoontje aan. ‘Hoe bedoel je?’ vraag ik. ‘Nou, die hond is op snuffelstage. En nu loopt hij stage bij die mevrouw. Ik denk niet dat ze hem neemt.’

© Gilles de Sitter

Vertel me wat ik moet doen!

Nieuwsbrieven uit de culturele sector geanalyseerd

Ik bestudeerde deze week een aantal nieuwsbrieven en emailings. Ik lette niet op de inhoud, maar op de schrijfwijze van hyperlinks en de aanwezigheid van feedback-stimuli.

Conclusie: theaters vergeten vaak hun publiek tot actie te manen.

Feedback-stimulus

Welke taak wil je dat je lezer online voltooid?

Verleid je lezer en plaats een feedback-stimulus onderaan het bericht.

  • Koop kaarten
  • Doe mee!
  • Word abonnee!

Laat je lezer nooit onderaan een pagina bungelen.

Schrijf niet klik hier

Schrijf jij vaak klik hier? Er is een aantal redenen waarom je dit beter niet kunt doen:

  1. Klik hier benadrukt de handeling, niet het resultaat.
  2. Wanneer je het woord klik hier gebruikt, moet je alsnog uitleggen wat het gevolg is als je klikt. Dat levert vaak een lange zin op.

Voorbeeld 1: Klik hier om je gegevens te wijzigen.

→ Beter is: Wijzig gegevens.

Voorbeeld 2: Klik hier voor een overzicht van alle voorstellingen.

→ Beter is: Alle voorstellingen.

Korte links klikken lekker

Korte links vallen meer op. En dat is precies wat je wilt wanneer je schrijft voor het web. Kort, krachtig en snel. Webbezoekers zijn ongeduldige monsters.

Voorbeelden & tips

Veel nieuwsbrieven laten de lezer alleen achter. Zo van: ‘zoek het verder zelf maar uit.’

Emailing van de Rotterdampas:

  • Geen duidelijk feedback-stimulus.
  • Het woord ‘Gratis’ impliceert geen actie en de gele sticker is geen conventionele button.

Emailing Classic FM:

  • Duidelijke feedback-stimulus.
  • Door de woorden ‘Doe mee’ weet de lezer direct dat het gaat om een prijsvraag.

Nieuwsbrief/ Email-uitnodiging van Isala Theater:

  • Geen feedback-stimulus. Jammer, want wanneer je Open Huis houdt, wil je dat iedereen vertellen.
    Suggestie: Nodig een vriend uit >>.

Nieuwsbrief van Theater De Veste:

  • Intro-tekst staat vol met klik hier-hyperlinks.
    Suggestie: Zet de hyperlinks in een opsomming →
    Bekijk het TV-optreden
    Bekijk alle popconcerten

Festivalnieuwsbrief Gergiev Festival:

De dagelijkse festival-updates van het Gergiev Festival zijn super goed. Toch is het verstandig om hier je lezer op te roepen tot actie: Koop laatste kaarten >>

Nieuwsbrief Rotterdamse Schouwburg:

  • Duidelijke feedback-stimulus. Zelfs twee. Jammer dat de knop ‘Kaarten’ niet direct naar de online-kassa verwijst, maar naar dezelfde pagina als ‘Meer info’.

Meer voorbeelden?

Ken jij een goede nieuwsbrief die informeert en verkoopt? Laat een linkje achter!

© Gilles de Sitter

Kassamedewerkers opgelet! Theatermarketeers hebben jullie nodig!

Veel theaters zien hun kassa als… de kassa. Een plek waar producten worden gescand en het handje wordt opgehouden. Maar de kassa is een van de belangrijkste onderdelen van de marketing afdeling.

Verkopen is niet verkopen

Wij houden er niet van als ons iets verkocht wordt. Maar kopen, dat vinden we leuk. En dat doen we maar wat graag van een persoon! Het liefst van iemand die we aardig vinden en vertrouwen.

Loopt er iemand binnen die graag naar de opera wil, dan ben jij het die het kaartje verkoopt. En weet hij niet wat te kiezen, dan ben jij zijn rots in de branding.

Mensen willen kopen. Jij – de kassamedewerker -  geeft goedkeuring. Verkoop niets waar geen behoefte aan is en vertel geen halve waarheden.

Kijk, mijnheer Jansen komt speciaal naar het Orkest van de Achttiende Eeuw omdat Frans Brüggen dirigeert. Dan laat jij als kassa-medewerker dit bericht niet achterwege. Vertel je hem daarna een enthousiast verhaal over de plaatsvervangend dirigent en je eigen ervaringen met het orkest, chapeau!Het is een kwestie van bezwaren de wereld uit helpen.

Je bewijst een autoriteit te zijn en je bent eerlijk. Je weet waar je over spreekt.

Paternalisme

Toen ik als kassamedewerker begon in deze business, wist ik niets van theater. Het is een wonder dat ik ooit binnen gekomen ben. Maar ik leerde snel. Ik bezocht voorstellingen en sprak al snel met meer gemak bezoekers aan. Kijk, voorstellingen uit  De Internationale Keuze hebben nu eenmaal meer uitleg nodig dan een show van Youp. Klinkt dat denigrerend? Dan ben ik gezakt. De kunst is juist om geen ingewijde te worden. Want een opgeheven vingertje, dat willen klanten niet.

Hoe het wel moet

Hieronder vind je een aantal manieren hoe je van passanten theaterbezoekers maakt:

  • Integriteit – je komt van goede huize. Je weet wat er speelt en kent je pappenheimers.
  • Geloofwaardigheid – je geeft specifieke en geloofwaardige informatie, waarmee je aarzelende bezoekers over de streep trekt.
  • Social Proof – een volle zaal verkoopt makkelijker dan een halfvolle zaal. ‘We hebben nog diplomaten-plaatsen vrij. Die kunt u wel nemen. De burgemeester komt vanavond niet.’
  • Vertrouwen – bouw een band op met bezoekers. Als ze iets nieuws willen proberen – dit keer een opera, want we gaan altijd al naar toneel – zullen ze sneller beslissen omdat ze jou kennen.
  • Betrokkenheid – de interactie tussen twee mensen.

Dit zijn enkele psychologische fundamenten waarmee je  vertrouwen kunt winnen. En zo zijn er tal van andere factoren die wonderen verrichten om ‘conversies’ te verhogen.

Lees ook:

© Gilles de Sitter

Volgende pagina »


Wat klanten zeggen


"Gilles heeft als redacteur een perfecte festivalkrant ‘in elkaar gezet’, die wervend, prettig leesbaar en opvallend is. De programmakrant heeft een enorme boost gegeven aan de kaartverkoop en de festivalsfeer."
Ruth Giebels,
Operadagen Rotterdam


"Gilles de Sitter heeft verstand van webteksten en is thuis in de culturele sector. Hij snapt de rol van EMC Cultuuronderzoeken daarin. Het resultaat is een strakke site met relevante teksten, in 'plain Dutch'. Ik tevreden, bezoekers van de site ook."
Willem Wijgers,
EMC Cultuuronderzoeken


"Kijk, het is prettig als je aan een paar woorden genoeg hebt. En zo is het met Gilles; hij begrijpt wat er moet gebeuren. Het gaat om de concepten, ideeën en teksten. En die zetten we graag in!"
Dik Gussekloo,
Buro voor de Boeg

Laat hier je e-mailadres achter, dan krijg je iedere nieuwe blogpost voortaan in je inbox.

Join 34 other followers

Meest gelezen berichten


Follow

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 34 other followers